Vorig jaar stonden ze bij de meeste tuincentra nog nauwelijks in het rek. Nu zijn ze ineens overal: low dining sets, waarbij je aan een tafel zit die iets lager is dan een gewone eettafel, maar een stuk hoger dan een loungebank. Het klinkt als een klein onderscheid, maar in de praktijk merk je het direct.
Wat is low dining precies?
Reguliere tuintafels zitten op 70 tot 75 centimeter hoogte. Loungemeubels zakken weg naar zo'n 35 tot 40 centimeter. Low dining zit er tussenin: een tafelhoogte van 50 tot 60 centimeter, met stoelen of een bank op 35 tot 45 centimeter zithoogte. Je zit ontspannen genoeg om lang te blijven zitten, maar toch rechtop genoeg om comfortabel te eten. Geen geworsteld met een bord op je schoot, maar ook geen rechte rug aan een formele tafel.
Het concept komt overgewaaid uit de Scandinavische en Mediterrane terrasscultuur, waar lang tafelen en lang relaxen al jaren samengaan. In Nederland begint het nu pas echt door te breken, mede omdat het aansluit op de bredere trend dat mensen hun tuin inrichten als een verlengstuk van de woonkamer. Wil je weten hoe je die buitenkamer verder aankleedt? Lees ook hoe je van je tuin een echte buitenkamer maakt.
Waarom het nu zo aanslaat
Er speelt meer dan een modefluistering mee. De manier waarop we buiten eten verandert. Steeds minder mensen willen om zes uur scherp aan tafel, opeten en naar binnen gaan. Men wil blijven zitten. Nog een glas, nog een gesprek, misschien nog iets kleins erbij. Low dining past daar perfect bij: je verplaatst je niet naar de loungehoek nadat je hebt gegeten, je zit er al.
Tel daarbij op dat de gemiddelde Nederlandse tuin kleiner wordt, en dat aparte eethoeken en loungehoeken steeds vaker niet naast elkaar passen. Low dining lost dat ruimtevraagstuk op door beide functies te combineren in één meubilering. Je wint ruimte én je wint sfeer tegelijk.
Welke meubels heb je nodig?
Een low dining set bestaat uit een lage tafel en passende stoelen of een bank met losse kussens. Bij de aanschaf zijn er een paar dingen waar je op moet letten:
- Materiaal van het frame: teak en aluminium zijn de meest gangbare keuzes voor buiten. Aluminium vergt nauwelijks onderhoud, teak vraagt jaarlijks een beurt maar ziet er na jaren nog steeds goed uit. Rope-meubels, waarbij gevlochten touw om een aluminium frame wordt geweven, scoren hoog op uitstraling en zijn ook in herfst- en winterregen prima bestand als je ze afdekt.
- Het tafelblad: keramiek en composiet zijn nagenoeg onverwoestbaar en veeg je zo schoon. Teakhouten bladen zijn warmer van uitstraling maar laten sneller vlekken toe als je er niet op let.
- Kussens: dit is niet het moment om te bezuinigen. Dikke, weerbestendige kussens van minimaal 8 centimeter dikte bepalen of je set prettig zit of niet. Kussens met Olefin- of Sunbrella-stof zijn bestand tegen regen, schimmel en UV-schade en gaan jaren mee.
Een set kopen zonder eerst te gaan zitten is een gok die je beter niet neemt. De zithoek verschilt sterk per merk en model, en wat er goed uitziet op een foto zit soms verrassend ongemakkelijk in het echt. Plan een bezoek aan een tuinmeubelzaak en neem er even de tijd voor.
Kleuren en sfeer voor dit seizoen
De tuinmeubeltrends van dit jaar draaien sterk om aardetinten: terracotta, zand, taupe en olijfgroen. Dat past uitstekend bij low dining, want het warme palet versterkt de informele sfeer die er al bij hoort. Voor accessoires kun je goed terecht bij terracotta potten, rieten manden en aardewerk schalen op de tafel. Je mag gerust mixen en matchen; te strak gecoördineerd kijkt al snel geforceerd.
Wil je een organische, natuurlijke uitstraling creëren? Combineer dan de rondingen van je meubels met omringende beplanting in zachte vormen. Siergrassen, lavendel en rozemarijn geven de hoek karakter zonder dat je er veel tijd in hoeft te steken. Meer tips hiervoor vind je in ons artikel over een organische uitstraling in je tuin.
Praktisch: hoe maak je er lange avonden van?
Low dining nodigt uit tot blijven zitten, maar de Nederlandse avonden in mei en juni worden al snel frisser dan het overdag leek. Een paar dingen die het verschil maken:
- Een parasol of zwevende parasol boven de set: overdag voor schaduw, 's avonds als windbreker.
- Een buitenheater of kleine vuurschaal op een veilige afstand. Niet per se voor de warmte, maar voor de sfeer telt zo'n vlammetje enorm mee.
- Lichtsnoeren of buitenlampen op schemerschakelaar, zodat je niet op hoeft te staan als het donker wordt.
- Een plaid per persoon. Dit klinkt overdreven, maar je pakt ze echt. En het geeft de set een uitnodigende, lounge-achtige uitstraling die ook overdag goed werkt als styling.
Voor de rest van de accessoires die je niet mag vergeten lees je alles in ons overzicht van must-have tuinartikelen voor de perfecte buitenruimte.
Voor wie werkt low dining het best?
Low dining is geen concept voor iedereen. Heb je kleine kinderen die constant van tafel weglopen, dan is een gewone eettafel waarschijnlijk toch gemakkelijker. Heb je last van je knieën of rug, check dan eerst goed de stahoogte: opstaan uit lagere meubels kost net wat meer kracht. Ga vooraf testen in de winkel in plaats van alleen op specificaties te vertrouwen.
Maar voor wie van lang en ontspannen buiten eten houdt, van informeel samenzijn, en niet na elk diner wil verhuizen naar een andere hoek in de tuin, is low dining de meest praktische en sfeervolle keuze van dit tuinseizoen. Zet er dit zomer een goede set neer en je begrijpt direct waarom de populariteit zo snel stijgt.